Opvoeden…

Opvoeden…

Ik “vier” mijn derde lustrum als moeder. Al 15 jaar ben ik verwikkeld in de mooiste, engste, smerigste relatie uit heel mijn leven. Ik kan niet geloven dat ik met alle liefde jullie walgelijke luiers verschoond heb, al jullie f#$}|$,^ lelijke tekeningen liefdevol op de muur plakte, en ondanks het overduidelijke gebrek aan talent vond dat ik de meest intelligente, creatieve kinderen ooit had gebaard.


Het krijgen van kinderen leek mij een leuk idee.
Moeder worden dat zou ik wel even fiksen, hoe moeilijk kon opvoeden nou eigenlijk zijn?
Naïef als ik was dacht ik er met een goede inbaker techniek, gecombineerd met wat dokter Phil wijsheden wel te komen.
De praktijk maakte mij pijnlijk duidelijk dat ik geen natuurtalent ben.
Ik deed maar wat en hoopte op het beste.
Na 15 jaar zou je denken dat ik als moeder iets meer schwung zou hebben in dat hele “kinder” ding.
Per slot van rekening al doende leert men. Not! Het enige wat ik leer is dat ik het moederen nog steeds niet onder de knie heb, en op pure wilskracht overleef.
Heb je de ene situatie onder controle, dient de volgende crisis zich alweer aan. Ondanks dat je je stellig had voorgenomen om nooit kreten te gebruiken als: “Omdat ik het zeg!” of “Kinderen in de derde wereld die hebben pas honger!” Ben je alsnog een kloon van je moeder en sluipen deze dooddoeners er ongemerkt in.

Hoe dolgelukkig ik was toen ik mijn kinderen voor het eerst het woordje “mama” hoorde zeggen, zo gek word ik er nu van als het woord gebruikt wordt.
Mama roepen is het allergrootste voordeel aan kind zijn, echter voor mij een nagel aan mijn doodskist. Inzetbaar op elk moment van de dag, voor op zijn minst de komende 20 jaar van mijn leven. Life without parole so to speak.
Ondanks dat ik zielsveel van mijn kinderen houd, betrap ik mijzelf op een tanend enthousiasme bij de zoveelste onzinnige vraag, of tenenkrommende opmerking. Hoe tenenkrommend kan het nou werkelijk zijn hoor ik je denken. Read it and weep!
Kind nummer 1 en ik zitten een documentaire te kijken over Israël en de Palestijnen. Het is best heftig om te zien en ik ben blij om te merken dat het kind ogenschijnlijk geïnteresseerd zit te kijken.

Nadat het programma is afgelopen vraag ik haar wat ze ervan vond en of ze wat geleerd heeft.
Met het antwoord “O het land waar Joodse mensen wonen heet Israël en geen Joden” had ik geen rekening gehouden..
Vervult met afschuw kijk ik naar mijn 15 (!!) jarige kind, en met stomheid geslagen vraag ik mij af waar het mis is gegaan.
Haar beredenering “Mensen die uit Zweden komen noem je toch ook Zweeds?!” is op zijn minst schokkend te noemen.
Ondertussen ziet kind nummer 2 haar kans schoon om mij wat te vragen, want zoals ieder kind weet moet je dingen vragen op momenten wanneer je moeder afgeleid, doodmoe óf geïrriteerd is. Ze ruikt bloed! Met een suikerzoet “mamaaaa mag ik je wat vragen?” slaat ze haar slag.
Gekleed in een oud wit overhemd van haar vader en een zwembril op (ze speelt namelijk laborant in een laboratorium) vraagt zij om een vergrootglas, plastic bakjes van de afhaal Chinees, een zaklamp, afwashandschoenen, en vuilniszakken.
Verheugd als ik ben dat er eens gespeeld wordt zonder elektronica stel ik geen vragen en geef haar wat ze nodig heeft. Enthousiast gaat zij naar haar kamer en begint haar wetenschappelijke onderzoek.
Na een half uur niet geroepen te zijn (dit op zich had ik al verdacht moeten vinden!!) ga ik toch maar eens naar boven om te zien wat ze uitspookt.
Als aan de grond genageld blijf ik stokstijf in de deuropening staan.
Temidden van een hoop beschimmelde broodkorsten (twee weken fanatiek door haar opgespaard) gedrenkt in nagellakremover deelt zij mij vol trots mede dat zij penicilline aan het maken is voor alle zieke kindjes in de derde wereld. Want dat is het week onderwerp op school. Leuk hè?! Razendsnel gaat mijn brein tekeer. Hoe crush ik haar kinderzieltje niet, maar geef ik ook uiting aan mijn onstuitbare neiging om te kotsen? Enerzijds ben ik trots op haar ambitie om ebola te verhelpen, anderzijds wil ik haar hele kamer in de fik steken omdat schoonmaken hier geen enkele zin meer heeft. Dilemma’s van een moeder zijn existentiële vraagstukken waar de gemiddelde denktank geen raad mee weet. Intussen gaat de bel en besef ik dat het zondag is, de dag dat Ren en Stimpy bij hun vader slapen. Terwijl beide kinderen hun spullen pakken app ik vader met het verzoek zijn Joodse achtergrond met Ren te delen en stop ik onder het mom “Dat vindt papa óók héél erg interessant” de hele berg bacteriën in een vuilniszak “to go” voor Stimpy.

Ik weet dat ik maar wat doe als het op opvoeden aankomt maar op dit soort momenten ben ik on top of my game.

 

Geschreven door Helga Lemmers

Share:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *